Niet erg algemeen zijn beschilderde pijpen. uit vondsten blijkt dat er hier en daar mee is gewerkt, maar niet veel, het waren aardigheden. Zo nu en dan duiken er bodemvondsten op uit de 17e en 18e eeuw met sporen van verf. Pas in de 20e eeuw zet het verven van kleipijpen door en uit deze eeuw zijn er aardig wat voorbeelden bekend, al zijn het zelden nog bodemvondsten.
Late, ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1920-1940. De pijp is het eindresultaat geweest van een vak dat in deze periode bijna is verdwenen. Een nog gekaste pijp, gevormd in een mal in plaats van te zijn gegoten. Het oppervlak van deze pijp is niet meer geglaasd en langs de bovenkant loopt ook geen radering meer. De hiel is niet met een merk gestempeld.
Opvallend is de beschildering op deze pijp. Die is niet centraal geplaatst, maar op de rechter zijkant. De voorstelling is naar alle waarschijnlijkheid het stadhuis van Gouda, op de markt. Die werd in deze tijd ook op gietpijpen geschilderd. Deze schilder is alleen niet zo vast van hand geweest, het is een amateuristisch gebouw geworden. Over de pijp en de schildering heen lijkt een laag bruin glazuur of bruine verf te hebben gezeten.
Ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1900-1920. De pijp is bruin gelakt en op de lak is naar de steel toe een tekst geschreven met witte verf. Langs de bovenrand staat een witte lijn. De witte verf is met de tijd verbleekt en moeilijker zichtbaar geworden. Ook is de lak gaan brokkelen, waardoor delen van de tekst niet meer leesbaar zijn. De hoogte van de pijpenkop is 5,2 cm.
De tekst bestaat uit vijf regels, waarvan alleen de tweede met zekerheid te ontcijferen valt. Er staat: 'Ter Herinnering'. Daarna volgt een datum. Door de bruine lak is ook het hielmerk niet goed zichtbaar, waarschijnlijk gaat het om 90 gekroond, van de firma P. van der Want.
In de late 19e eeuw worden veel korte pijpmodellen bruin gelakt, om ze het uiterlijk mee te geven van de in opkomst zijnde houten pijpen. Bovenstaande pijp is een voorbeeld van de vele verschillende pijpen die in bruine lak zijn uitgevoerd.
Veel pijpen worden pas echt geverfd in de 20e eeuw. Deze pijp, met een meloenvormige pijpenkop heeft waarschijnlijk in de jaren '30 zijn kleur gekregen. Op de steel is 'Gouda' geschreven. De pijp is geen bodemvondst meer, veel van deze pijpen zijn eerder bekend uit het nalatenschap van magazijnen en zolders.













