Groningen en Leeuwarden


In de periode 1740-1750, de periode waarbinnen de meeste voorstellingen in mallen zijn gegraveerd om naast het hielmerk extra bekendheid te genereren, is ook de versie ontwikkeld met daarop in hoofdzaak de wapens van de steden Groningen en Leeuwarden naar de roker toe. Dit zal het zeker goed gedaan hebben in de oostelijke contreien van ons land. Don Duco concludeert na onderzoek dat de stadswapens op de pijpen nog iets meer zijn dan je zo kunt zien. Ze horen thuis in de reeks Oranjepijpen die vanaf 1747 verschijnen als Willem IV erfstadhouder wordt en de provincies van Nederland herenigt. Zo ook Groningen en Leeuwarden.

Het wapen van Groningen is een dubbelkoppige adelaar met een schild als lichaam. Op het schild staat een horizontale band.

Het wapen van Leeuwarden is een naar links gerichte klimmende leeuw.


Korte ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1740-1750. Naar de roker toe staat links het wapen van Groningen en rechts het wapen van Leeuwarden in een cirkel. De cirkels staan tegen elkaar aan. Boven de cirkels staat een brede bladerkroon. Tussen de cirkels staat boven een tulp en onder een engelenhoofd als versieringselement. Boven het schild, langs de kroon, lopen diagonale, gebogen lijnen ter decoratie. de schilden worden opgehouden door twee meerminnen. Hun geschubde staarten gaan op in de geschubde ruimte onder de cirkels, die aan de onderzijde wordt afgesloten door een rand van voluten en bladeren. Hieronder pas loopt een tekstlint, onderbroken door het engelenhoofd, met links: 'GROENI' en rechts: 'L.WAARDE'.

Op de linkerkant van de hiel staat het wapen van Gouda. De hiel is gemerkt met 73 gekroond, gezet door Arij van Houten (Lit. 2).

Korte ovaalvormige pijpenkop met vonkenvanger uit de periode 1740-1750. Naar de roker toe staat links het wapen van Groningen en rechts het wapen van Leeuwarden in een cirkel. De cirkels staan tegen elkaar aan. Boven de cirkels staat een brede bladerkroon. Tussen de cirkels staat boven een tulp en onder een engelenhoofd als versieringselement. Boven het schild, langs de kroon, lopen diagonale, gebogen lijnen ter decoratie. de schilden worden opgehouden door twee meerminnen. Hun staarten staan in een soort kledingstuk met gearceerde delen tot de geschubde ruimte onder de cirkels, die aan de onderzijde wordt afgesloten door een rand van voluten en bladeren. Hieronder pas loopt een tekstlint, onderbroken door het engelenhoofd, met links: 'GRONING' en rechts: 'L.WAARDE'.

Op de linkerkant van de hiel staat het wapen van Gouda. De hiel is gemerkt met D, gezet door Jan van Leeuwen (Lit. 2).

 

Ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1770-1780. Naar de roker toe staat links het wapen van Groningen en rechts het wapen van Leeuwarden in een cirkel. De cirkels staan tegen elkaar aan. Boven de cirkels staat een keizerskroon. Tussen de cirkels staat boven een draagband naar de schilden (?) en onder bloemranken als versieringselement. Boven het schild, langs de kroon, lopen diagonale, gebogen lijnen ter decoratie. de schilden worden opgehouden door twee gekroonde leeuwen. Onder de voorstelling lopen twee tekstlinten, de bovenste met links: 'GROENI' en rechts: 'L.WAARDE', de onderste met: 'GOUSE PYPE'. Onder de tekstlinten loopt een kort lambrequin en een gebogen lijn waarop de leeuwen staan. Van de roker af staat het wapen van Gouda, gekroond en met doornentakken. De rest van de malnaad is afgewerkt met een eenvoudig bladmotief.

Op de linkerkant van de hiel staat het wapen van Gouda. De hiel is gemerkt met 55 gekroond, gezet door Gloudt Marthee (Lit. 2).

 

Ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1780-1790. Naar de roker toe staat links het wapen van Groningen en rechts het wapen van Leeuwarden in een cirkel. De cirkels staan tegen elkaar aan. Boven de cirkels staat een keizerskroon. Tussen de cirkels staat boven een tulp (?) en onder een engelenhoofd met molensteenkraag als versieringselement. Boven het schild, langs de kroon, lopen diagonale, gebogen lijnen ter decoratie. de schilden worden opgehouden door twee meerminnen. Hun geschubde staarten gaan op in de geschubde ruimte onder de cirkels, die aan de onderzijde wordt afgesloten door een rand van voluten en bladeren. Hieronder lopen twee tekstlinten, met links: 'GROENIN' en rechts: 'LWAARDE'.

Van de roker af hangt het wapen van Gouda aan een grote strik. Onder het wapen staat een tekstlint, met daarop: 'GOUSE PYPE'. Uit het midden van het tekstlint, op de malnaad, komen twee bosjes langgesteelde pijpen omhoog. Onder het tekstlint staan twee kleine bloemranken om de ruimte te vullen.

Op de linkerkant van de hiel staat het wapen van Gouda. De hiel is gemerkt met 94 gekroond, gezet door Jan Houtam (Lit. 2).

 

Fragment van een ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1765-1775. Het fragment is in grote lijnen te vergelijken met de bovenstaande pijp en is afkomstig uit een iets scherpere mal. De pijp is gemerkt met 12 gekroond, in deze periode gezet door Abraham van der Spelt (Lit. 2).

Fragment van een ovaalvormige pijpenkop uit de periode 1780-1790.  De elementen op deze pijp passen allemaal binnen het thema. Tussen en onder de wapenschilden staat een engelenhoofd met een molensteenkraag. Het merk op de hiel is GML, gezet door de eerste aanvrager Gerrit Maarling (sinds 1769) (Lit. 2).

Fragmenten van ovaalvormige, 18 eeuwse pijpenkoppen. Opvallend van deze versie is dat het wapenschild van Gouda naar de steel toe is geplaatst als derde schild. De schilden van Groningen en Leeuwarden staan op de zijkanten van de pijpenkop. Het bovenste fragment is gemerkt met duif gekroond.