Sigarettenpijpen


Omdat in de 19e eeuw de sigaar en de sigaret sterk in opkomst zijn en de traditionele pijp als rookmiddel bedreigen, worden nieuwe oplossingen gezocht. Een belangrijke toevoeging, waarbij de kleipijp de sigaar en sigaret tegemoet komt, zijn sigaren- en sigarettenpijpen. Deze pijpjes zijn bedoeld om de stompen sigaar en sigaret op te roken. Normaliter was deze tabaksrest niet meer te gebruiken en dat was (toen nog) zonde. Naar verhouding zijn sigarenpijpen van een iets groter dan sigarettenpijpen en dat is het belangrijkste verschil. Veel van deze pijpen werden al niet meer onbewerkt uitgebracht, maar waren gedecoreerd.

De gemiddelde hoogte van de kop van een sigarettenpijp is 30 millimeter.


Sigarettenmodel pijp met ovaalvormige kop in wit, rood en zwart. De pijpenkoppen zijn alle drie gemerkt met 65 gekroond, eind 19e eeuw in gebruik bij de familie Van Duijn. (Lit. 2)

Deze 20e eeuwse, ovaalvormige sigarettenpijp is gemerkt met IWI, één van de merken van Goedewaagen. (Lit. 2, 3)

Gemerkt met 82 gekroond, in gebruik bij Goedewaagen (Lit. 2)

Groot model sigaretten- of sigarenpijp, 40 mm hoog. Op de linkerzijkant van de hiel staat modelnummer '10' gegraveerd. Het merk op de hiel is niet helemaal duidelijk, maar is zeer waarschijnlijk de ongekroonde 17. Dat merk is tussen 1859 en 1875 (of 1880) gebruikt door Frans Simon Sparnaaij (Lit. 2).

Ietwat hoge sigarettenpijp (33 mm) met modelnummer 9 op de linkerzijkant van de hiel. Het merk op de hiel is beschadigd, waardoor er alleen een 3 valt te lezen. Er zijn gemiddeld zo'n 7 cijfers in de 30 die bruikbaar zijn voor een determinatie in deze periode.

Sigarettenmodel pijp met kromkop, in twee verschillende uitvoeringen. De eerste pijpenkoppen lopen naar boven wat wijder uit en zijn gemerkt met leeuw in de Hollandse tuin en 94 gekroond. De klassieke versie is gemerkt met WL gekroond, 51 gekroond en 94 gekroond

Sigarettenmodel pijp met kromkop en spoor. Het merk is naar de steel toe gestempeld. Dit model werd al in het begin van de 19e eeuw in het aanbod opgenomen, zoals blijkt uit een onderzoek naar Willem Begeer. Het merk is 54 gekroond, in de 19e eeuw eerst van Pieter Stomman, daarna van verschillende leden van de familie Van der Want (Lit. 2).

Sigaretten model pijp met rondbodem kop en lob op de onderste naad. De pijp is zwart gebakken. Door de lob is de pijp minimaal gedecoreerd.

Twee verschillende mosterdlepelmodel sigarettenpijpen, eind 19e eeuw, niet gemerkt.

Sigaretten model pijp met een omgekeerde peervorm kop. Het model wordt ook wel kerkezak genoemd, als de zak die in de kerk rond ging voor donaties. Deze uitvoeringen zijn in wit en rood en verschillend van vorm.

Laat 19e eeuwse sigarettenpijp met kop en steel in één lijn. Het ovaalvormige kopgedeelte is voorzien van cannelures. Op de steelaanzet loopt een verticale lijn als afsluiting. Onder deze lijn, op de steel, is nog net een bloemmotief waar te nemen.